Shaykh Muḥammed b. Ibrāhīm Āl as-Shaykh zei het volgende:

…Ik zal jullie het verhaal van ʿAbd ar-Raḥmān al-Bakrī van de mensen van Najd vertellen (moge Allah hem barmhartig zijn). Hij was één van de eerste studenten van As-Shaykh ʿAbdullah (Ibn ʿAbd al-Laṭīf Āl as-Shaykh) en anderen.

Hij kreeg het idee om met zijn persoonlijke inkomen een school te openen in Oman om de tawḥīd te onderwijzen. Zodra het geld op was dan nam hij wat goederen van iemand en reisde naar India (om te handelen). Soms verbleef hij daar 6 maanden lang.

Shaykh al-Bakri zei: Ik stond naast een moskee (ergens) in India. In de moskee bevond zich een leraar en wanneer hij klaar was met zijn les begonnen ze Shaykh Muḥammed b. ʿAbd al-Wahhāb[1] te vervloeken. Wanneer hij uit de moskee kwam en mij passeerde zei hij: “Ik hou van de Arabische taal en ik hou ervan om het van haar mensen te horen.” Hij dronk dan koud water van mij.

Hetgeen wat hij na de les deed had een effect op mij. Hij (Shaykh al-Bakri) zei: Ik beraamde een plan door hem bij mij (thuis) uit te nodigen. Voor zijn komst nam ik Kitāb at-Tawḥīd, scheurde de kaft eraf en plaatste het boek op een plank in mijn huis. Toen hij aanwezig was zei ik tegen hem: “Sta mij toe om wat watermeloen te pakken (en te serveren).” Toen ik terugkwam was hij knikkend met zijn hoofd het boek aan het lezen. Hij zei tegen mij: “Van wie is dit boek? Deze hoofdstuktitels lijken op de hoofdstuktitels van (Imām) Al-Bukhārī (in zijn aḥīḥ). Bij Allah dit is hetzelfde als Al-Bukhārī!?” Ik zei tegen hem: “Ik weet het niet.” Vervolgens stelde ik voor om dit aan Shaykh Al-Ghazawī te vragen. En hij (Al-Ghazawī) had een bibliotheek en een weerlegging op “Jāmīʿ al-Bayān”. Wij liepen zijn bibliotheek binnen en ik zei tegen hem: “Ik heb hier een boek waar deze Shaykh van wilt weten wie de auteur is en ik weet het niet?” Al-Ghazawī had het (plannetje) meteen door. Hij vroeg iemand om het boek Majmūʿat at-Tawḥīd te pakken. Vervolgens vergeleek hij het boek (met wat er in Majmūʿat at-Tawḥīd stond) en zei: “De auteur is Shaykh Muḥammed b. ʿAbd al-Wahhāb.” Hierop zei de geleerde uit India met een boze stem: “De kāfir (ongelovige)!?” Wij zwegen vervolgens en ook hij zweeg even. Nadat hij kalmeerde en al-istirjāʿ[2] verrichtte zei hij: “Als hij de auteur is van dit boek dan hebben wij hem onrecht aangedaan.”

Nadien verrichtte hij samen met zijn studenten iedere dag duāʾ voor hem. Zijn studenten spreidde zich uit over heel India en iedere keer na hun les verrichtten zij allen duāʾ voor Shaykh Muḥammed b. ʿAbd al-Wahhāb.

Bron: Fatāwā wa rasāʾil samāḥat as-Shaykh Muḥammed b. Ibrāhīm b. ʿAbd al-Laṭīf Āl as-Shaykh blz. 75-76, 1e druk 1399NH te Mekka, Saudi Arabië. Zie screenshots hieronder.
Vertaling: Yūsuf Abū Ṣafiyya
Publicatie: www.ahloelhadieth.nl

[1] De auteur van Kitāb at-Tawḥīd.

[2] Voetnoot vertaler: De uitspraak Inna lilāhi wa inna ilayhi rājiʿūn (tot Allah behoren wij en tot Hem zullen wij terugkeren).

Screenshots Arabische Bron: