Abī Faraj ʿAbd ar-Raḥmān Ḥassan b. ʿAlī  b. Muḥammed (ook wel bekend als Ibn al-Jawzī) zei het volgende:

De vrouw is net zoals de man mukallaf[1]. Het is daarom een plicht voor haar om haar (islamitische) verplichtingen te bestuderen zodat zij deze met zekerheid kan uitvoeren[2].

Wanneer zij een vader, broer, echtgenoot of maḥram heeft die haar de voorgeschreven zaken onderwijst en haar leert hoe zij haar verplichtingen dient uit te voeren, dan is dit voldoende voor haar. Wanneer zij dit niet heeft dan dient zij (rond) te vragen en te leren. Wanneer zij kan leren van een vrouw die (deze) kennis bezit, dan leert zij van haar. En zo niet, dan leert zij van de Shuyūkh en de ouderen zonder zich af te zonderen met hen[3]. Hierbij dient zij zich alleen tot het hoognodige te beperken.

[1] Voetnoot vertaler: Degene voor wie de Islamitische verplichtingen verplicht zijn.

[2] Voetnoot vertaler: De profeet ﷺ zei: “Kennis vergaren is een verplichting voor iedere moslim.” (Ibn Māja nr. 224). Ook zei de profeet ﷺ: “Weerhoudt de dienaressen van Allah niet om naar de moskee te gaan.” (Ṣaḥīḥ al-Jāmiʿ nr. 7456.

[3] Voetnoot vertaler: Dus zonder khalwa: Het afzonderen met het ander geslacht die niet onder de maḥārim valt.

[4] Voor uitgebreidere informatie zie ons boek: “Al-Adab as-Sharʿiyya lil-Nisāʾ fī talab al-ʿIlm”.

Screenshots Arabische Bron: