Shaykh ʿAbd al-ʿAzīz b. Bāz werd het volgende gevraagd:

Wat is beter voor de vastende: Het verbreken van zijn vasten of het vasten? In het specifiek als men op reis is zonder dat er moeilijkheden plaatsvinden zoals het reizen met een vliegtuig of andere middelen (voertuigen) van deze tijd?

Antwoord: 

Het beste voor de vastende is om zijn vasten ten alle tijde te verbreken tijdens het reizen. En degene die (toch) vast, daar is niets verkeerds aan. Omdat het vastgesteld is dat de profeet ﷺ en de metgezellen beide verrichtte. Maar als het erg warm is en het te zwaar wordt om door te gaan met vasten, dan dient men het vasten te verbreken en is het afgeraden om te vasten voor de reiziger. Want toen hij ﷺ een man zag die zichzelf afschermde tegen de zon vanwege de hitte terwijl hij vastende was, zei hij ﷺ:

“Het is niet van al-birr[1] om te vasten tijdens het reizen.” [2]

En het is vastgesteld dat hij ﷺ heeft gezegd:

“Voorwaar Allah houdt ervan (dat zijn dienaren) Zijn toestemmingen nemen, net zoals Hij een afkeer heeft tegen het benaderen van zonden.” [3]

En in een andere overlevering (als toevoeging):

“Net zoals Hij ervan houdt (dat zijn dienaren) Zijn verplichtingen nemen.” [4]

En er is geen onderscheid voor degenen die met auto`s, kamelen, boten, schepen of vliegtuigen reizen. Want zij allen vallen onder het reizen en mogen de toestemmingen nemen die gelden bij het reizen.

En Allah (de Verhevene) heeft voor zijn dienaren regels voor de reiziger en de plaatselijke bewoner vastgesteld ten tijde van de profeet ﷺ en voor degenen die na hem ﷺ komen tot aan de Laatste Dag. En Hij (de Verhevene) is op de hoogte van de veranderingen van omstandigheden die plaatsvinden en de diverse middelen bij het reizen.

En als de regelgeving anders zou zijn, dan zou Hij (de Verhevene) ons hierover informeren zoals Hij (de Verhevene) zegt in Sura An-Naḥl:

“En we hebben naar jou het Boek (de Qor`an) neergezonden als een verduidelijking voor alle zaken, en als Leiding en Barmhartigheid, en een verheugende tijding voor de moslims. [an-Naḥl (16): 89]

En Hij (de Verhevene) zegt ook:

“En het paard, de muilezel en de ezel, zodat jullie erop kunnen rijden en (zij zijn) als een sieraad. En Hij schept wat jullie niet weten. [an-Naḥl (16): 8]

Bron: Aḥkām al-musāfir fī aṭ-ṭahāra wa aṣ-ṣalāt wa aṣ-ṣiyām blz. 14-15 vraag 16 & 17. Uitgever: Dār aḍwāʾ as-salaf lil-nashr wa tawzīʿ. 1ste  druk 2007.
Vertaling: Yūsuf Abū Ṣafiyya
Publicatie: www.ahloelhadieth.nl

[1]Voetnoot vertaler: allesomvattende woord voor het goede.

[2]Overgeleverd door Al-Bukhārī nr. 1810 & Muslim nr. 1879.

[3]Overgeleverd door Imām Aḥmad nr. 5600.

[4]Overgeleverd door Ibn Ḥibbān nr. 3526 en Ibn Abī Shayba nr. 24794.