Shaykh ʿAbd ar-Raḥmān b. Nāṣir as-Saʿdī (رحمه الله) zei het volgende:

Vervolgens vermeldt Allah (تعالى) de wijsheid achter het vaststellen van het vasten. Hij (تعالى) zei:

“Opdat jullie (Allah) zullen vrezen.” [Al-Baqara (2):183][1]

Het vasten is één van de grootste middelen in het verkrijgen van taqwā (godsvrees). Want hierin zit het opvolgen van Allah`s bevel en het wegblijven van datgene wat Hij verboden heeft. Van hetgeen dat het (vasten) omvat aan taqwā:

  • Dat de vastende datgene wat Allah verboden heeft verlaat vanonder het eten, drinken, geslachtsgemeenschap en dergelijke. Hetgeen waar zijn ziel naar neigt. Dit om zodoende (met het verlaten van bovengenoemde zaken) dichter bij Allah te komen hopende op Zijn beloning. Dit is dus van taqwā.
  • Dat de vastende zijn ziel traint dat Allah (تعالى) toezicht houdt. Hij verlaat dus datgene waar zijn ziel zich tot aangetrokken voelt terwijl hij in staat is om dit toch te doen. Wetende dat Allah hem ziet.
  • Dat het vasten de satan (duivel) afremt. Want voorwaar de satan stroomt door de zoon van Adam zoals het bloed (door zijn aderen) stroomt. Dus door het vasten verzwakt men zijn penetratie waardoor het zondigen vermindert.
  • Dat de vastende in zijn algemeenheid vermeerdert in het verrichten van goede daden. En het verrichten van goede daden is van de kenmerken van taqwā.
  • Dat wanneer de rijke persoon de pijn van honger heeft gevoeld, hij genoodzaakt is om medeleven te krijgen met de armen die niets hebben. En dit is van de kenmerken van taqwā.

Bron: Tafsīr al-Karīm ar-Raḥmān fī tafsīr kalām al-Mannān blz. 86. Uitgever: Maktaba ar-Rushd, Riyad Saoedi-Arabië. 5de druk 2007.
Vertaling: Yūsuf Abū Ṣafiyya
Publicatie: www.ahloelhadieth.nl

[1] Voetnoot vertaler: Een verwijzing naar het vers: “O jullie die geloven, het vasten is jullie voorgeschreven, zoals dit was voorgeschreven voor degenen voor jullie, opdat jullie (Allah) zullen vrezen.” [Al-Baqara (2):183]