Fataawa betreffende kinderen en het aanraken van de Qor`aan

Vraag:

"Is het verboden voor degenen jonger dan de leeftijd van puberteit om zonder woedhoe de Qor’aan aan te raken?"

Antwoord:

“Dit is een zaak waarover de geleerden in geschil zijn getreden, sommigen van hem zeggen: “Het is niet verboden voor degenen die jonger zijn dan de leeftijd van puberteit om de Qor’aan aan te raken omdat zij nog niet verantwoordelijk zijn voor hun handelingen, en de pen is opgeheven voor hen.” Andere geleerden zeggen: “Het is niet toegestaan voor een kind om de Qor’aan zonder woedhoe aan te raken, en het is aan de voogd om hem te verplichten om woedhoe te maken, net zoals het verplicht voor hem is om woedhoe te maken voor het gebed. Dit is omdat dit een handeling is waarin de woedhoe een voorwaarde is voor de verrichting ervan.”

Vraag:

“Wat is de regelgeving betreffende het toestaan dat kleine kinderen de Qor’aan aanraken en het lezen?”

Antwoord:

“Er is geen kwaad in om toe te staan dat kleine kinderen de Qor’aan lezen en aanraken, mits zij woedhoe hebben en het niet onjuist behandelen.”

Vraag:

“Is het toegestaan om Verzen van de Qor’aan te schrijven zonder woedhoe? Wat is de regelgeving van het aanraken van het (krijt)bord waar deze Verzen op geschreven zijn?”

Antwoord:

“Het is toegestaan om de Glorieuze Qor’aan te schrijven zonder in een staat van woedhoe te verkeren, zo lang het maar niet aangeraakt wordt. Wat betreft het aanraken van het bord waar de Verzen op zijn geschreven, dan zeggen de Hanbalie geleerden betreffende een tablet: “Het is toegestaan voor een kind om het tablet waarop de Verzen van de Qor’aan staan geschreven aan te raken, daarmee bedoelende de gedeeltes welke vrij zijn van schrift, met de voorwaarde dat zijn vingers de letters niet aanraken.” Nu is de vraag of het (krijt)bord zelf hier ook bij hoort (of zowel het bord als de lijst). Maar voor mij is dit een zaak waarover ik mezelf weerhoud een oordeel uit te vaardigen en Allaah weet het, het beste.”

Dit is de veiligste Mening en het bevat een duidelijk Voordeel

Vraag:

“Wat is de regelgeving betreffende kinderen die de Nobele Qor’aan aanraken?”

Antwoord:

“De geleerden, moge Allaah hen genadig zijn, zijn in geschil getreden betreffende de toelaatbaarheid van degene die niet in staat van woedhoe verkeert of hij de Qor’aan aan mag raken. Want sommigen zijn van mening: “Het aanraken van de Qor’aan door iemand die niet in een staat van woedhoe verkeerd is toegestaan, vanwege het gebrek aan duidelijk bewijs dat dit verbiedt, en het fundament is ontheffing van de individu van verantwoordelijkheid en afwezigheid van verplichting totdat iets anders bewezen wordt.” Terwijl andere geleerden van mening zijn: “Het is niet toegestaan om de Qor’aan aan te raken behalve degene die in staat van rituele reinheid verkeert (Taahir), omdat het vermeld staat in een brief van de Profeet (salallaahoe 'alayhie was sallem) aan ‘Amroe ibn Hazm: Deze mening is meer correct dan de eerste, want ondanks dat de uitspraak “degene die rein is” (Taahir) zowel spirituele als fysieke reinheid omvat, is de gewoonte met betrekking tot de Sharie’ah het niet te gebruiken als zijnde spiritueel rein. Degene die spiritueel rein is, is de Moslim.

“…niemand behoort de Qor’aan aan te raken, behalve degene die rein is.”

Degene die hier rein is, is degene die rein is van rituele onreinheid (Ghoesl).”

Dan blijft nog (de vraag), of deze regelgeving kleine kinderen zijn inbegrepen die de Qor’aan leren. Waardoor men hen verplicht om woedhoe te maken, of zijn zij niet inbegrepen omdat zij nog niet verantwoordelijk zijn voor hun daden? Ook in dit is een verschil van mening onder de geleerden. Enkelen zijn van mening: “Het jonge kind behoeft geen woedhoe te maken om de Qor’aan aan te raken want hij is nog niet verantwoordelijk voor zijn daden.” Terwijl anderen van mening zijn: “Dit is verplicht voor hen, en men behoort hen woedhoe te laten verrichten.” Zonder twijfel, dit is de veiligste mening, en van de voordelen die het bevat is dat wij respect in hun harten planten voor de Woorden van Allaah de Meest Eerbiedwaardige en Meest Majesteitelijke. Als er in het verplichten van hen moeilijkheden zijn, dan is het mogelijk dat zij de Qor’aan aanraken van achter een hoes, want dit is toegestaan voor iemand die in een staat van rituele onreinheid is, zowel als voor degene die in een staat van rituele reinheid is.

Arabische Bron: Majmoe’ Fataawa ash-Shaych: At-Tahaara: 4/214 en Fataawa Islaamiyyah: 4/23

  • Created on .
  • Hits: 2411

Vraag:

"Als ik eindig met het lezen van een gedeelte van de Qor’aan, mag ik dan het volgende zeggen: "Allaah de Almachtige, heeft de Waarheid gesproken (Sadaqallaahoel-Adhiem)"?"

Antwoord:

"Ondanks dat deze handeling erg populair is geworden onder Moslims, heeft het geen voorganger noch basis of fundament in de Islaam. Daarom moet men het niet tot een gewoonte of ritueel maken om deze zin uit te spreken na het lezen van de Qor’aan. De betekenis van de volgende hadieth is van toepassing op deze handeling:

"Eenieder die een handeling verricht die niet van onze aangelegenheid is, dan zal het verworpen worden."

En ondanks dat we deze handeling dan wel geen innovatie (bid’ah) noemen, is het desalniettemin gelijksoortig aan een innovatie. Sommige mensen gaan zelfs naar verdere extremen, door deze zin tijdens het gebed uit te spreken.

Het zeggen van: "Allaah de Almachtige, heeft de Waarheid gesproken" na het reciteren van de Qor’aan is niet overgeleverd van de Profeet (salallaahoe 'alayhie was sallem), zijn Metgezellen (radiallaahoe 'anhoem), noch van de vrome vroege generaties van de Moslims. Dus alleen omdat deze handeling nu wijdverspreid is, en omdat enkele mensen het goedkeuren, betekent niet dat het wettig is. Als je een vers van de Qor’aan leest waarover je ontzag hebt, vanwege hetgeen het vers betekent aan diepzinnige betekenis, dan mag je in zo’n situatie zeggen: "Allaah de Almachtige, heeft de Waarheid gesproken." Maar voor zover wij weten, is er geen basis voor jou om het als gewoonte te zeggen, telkens als je de Qor’aan leest. Wij zijn pas tot deze beslissing gekomen na het grondig onderzocht te hebben en na het besproken te hebben met de mensen van kennis."

Arabische Bron: Fataawa Ibn Baaz

  • Created on .
  • Hits: 2613

De Islaamitische `Aqiedah is tawqiefieyah (vaststaand, bepaald). Dat wil zeggen dat het slechts bevestigd wordt met daliel (bewijsvoering) uit de Sharie’ah. Het ontleent geen ruimte aan mening of itjtihaad (inzet, onderzoek). De bronnen zijn immers beperkt tot hetgeen waarmee het Boek en de Soennah is gekomen.  

Want er is immers niemand die meer kennis heeft dan Allaah over hetgeen Allaah van houdt of mee tevreden is of wat jegens hem verplicht is Er is niemand die na Allaah meer kennis heeft dan de Boodschapper van Allaah (salallaahoe 'alayhie was sallem) Daarom was de Manhadj van de Selefoes-Saalih en diegenen die hen volgden, in het aannemen van de `Aqiedah beperkt tot het Boek en de Soennah.

Alles wat bevestigd of bewezen werd door het Boek en de Soennah met betrekking tot het recht van Allaah geloofden zij in, bevestigden het in hun hart en handelden ernaar. En alles wat geen bewijsvoering heeft uit het Boek van Allaah en de Soennah van de Boodschapper, ontkenden zij over Allaah en verwierpen het. Om die reden vond er onder hen geen khilaaf (geschil) in geloofsbelijdenis plaats. Sterker nog, hun `Aqiedah was maar één. Allaah heeft het namelijk op zich genomen voor zij die zich vasthouden aan Zijn Boek en de Soennah van Zijn Boodschapper (salallaahoe 'alayhie was sallem) om hun woord te verenigen en de juiste geloofsovertuiging te verkrijgen en eenheid in Manhadj. Allaah, de Allerhoogste zegt

{En houdt, jullie allen vast aan het Touw van Allaah (i.e. deze Qor’aan en de Soennah), en weest niet verdeeld onder elkaar}

En Hij, zegt:

{Dan als er leiding van Mij naar jullie komt, dan zal eenieder die Mijn Leiding volgt noch gaan dwalen, noch zal hij in verdriet en in ellende vallen.}

En om die reden worden ze ook wel de verlossende groep genoemd. De Profeet (salallaahoe 'alayhie was sallem) heeft immers getuigd voor verlossing toen hij berichtte dat de Oemmah zich zal opsplitsen tot 73 sektes, waarvan elk het Hellevuur zal betreden behalve één. En toen hij ondervraagd werd naar die ene groep, antwoordde hij: “Dat is hetgeen ik vandaag de dag op ben en mijn metgezellen.”

En hetgeen hij (salallaahoe 'alayhie was sallem) voorspeld heeft, heeft zeker plaatsgevonden. Toen namelijk bepaalde mensen hun `Aqiedah gingen baseren op iets anders dan het Boek en de Soennah, zoals filosofie, en principes en stellingen die geërfd zijn van o.a. Griekse filosofieën, vond hierdoor afwijking en afsplitsing plaats aan de geloofsleer, wat als resultaat had geschil in woord en opsplitsing van de Djama`ah (moslims als één groep) en een stagnering in de bouw van een Islaamitische samenleving.

Arabische Bron: Aqiedat at-tawhied

  • Created on .
  • Hits: 2971